vrijdag 8 maart 2013

Hondensleeën

Lekker eten, een mooie autotocht, een rondje kaarten en hondensleeën: we hadden al bedacht wat we met Eelkes ouders zouden doen als ze in februari op bezoek zouden komen. Het hondensleeën was zelfs al een paar maanden geleden gereserveerd. Helaas belandden Bart en Janny in de situatie dat ze hun reis moesten annuleren. 

De reservering voor het hondensleeën bleef staan, dus met Eelkes ouders in gedachten reden we begin februari naar het Villmarkssenter. Met een temperatuur van min 12 was het behoorlijk fris, maar door het wederzien van de zon maakte dat allemaal niet uit. We hesen ons in de dikgevoerde overalls van het Villmarkssenter en wachtten op onze reisgezellen. Dat bleken een stuk of dertig toeristen te zijn, waarvan het overgrote deel vers uit de Hurtigruten-charterbus kwam. 

Toen iedereen omgekleed was, kwam een Canadees meisje de groep uitleggen hoe alles zo'n beetje in zijn werk ging. Niet iedereen kon haar verstaan, want op dat moment kwamen de hondenspannen van hun eerdere tocht terug, waarop de achtergebleven honden allemaal tegelijk aansloegen. Om aan te geven wat voor kabaal dat maakt: toen we vorig jaar eens op Lille-Blåmannen stonden, hemelsbreed vijf kilometer verderop, konden we de honden goed horen.

Nog slaperig
De groep werd over de spannen verdeeld. Wij -en nog een stuk of vier toeristen) hadden bij het reserveren aangegeven dat we zelf wilden rijden, dus wij kregen een span met vijf honden. De (voornamelijk Britse) anderen werden per twee in een grotere slee gestopt, voortgetrokken door een span van acht honden en met een medewerker van het Villmarkssenter achterop.


Klaar voor de start...
Na een korte uitleg hoe we moesten remmen, hoe we de honden moesten aansporen en dat we toch vooral moesten tegenleunen in de bochten, vertrokken we in colonne. Ik begon met rijden, terwijl Eelke ingepakt in de slee zat. Mochten we ons nog afvragen wie de honden uitliet en waar, werd dat ons vrij snel duidelijk: niemand en waar ze maar willen, respectievelijk. Vooral de eerste honderden meters lagen bezaaid met hondenfecaliën, gelijk landmijnen in de gedemilitariseerde zone tussen de Korea's. In plaats van steppend mee te helpen als de honden het zwaar hadden, bleef ik maar even met beide benen op de ijzers staan. Maar genoeg scatologie nu. Wie meer wil, stemme zijn telekijk maar af op SBS6.

De eerste zonnestralen van de dag

Het terrein glooide mooi, zodat ik af en toe moest meesteppen en af en toe (letterlijk) flink op de rem moest staan. Het was wel een beetje jammer dat we vaak in de hondensleefile stonden. Na ongeveer drie kwartier gingen we wisselen: ik in de slee en Eelke als rijder achter op de ijzers. Ook Eelke ging het goed af, zelfs in een sterk negatief gekante bocht vielen we niet om. Dat leed bleef anderen achter ons echter niet bespaard. We hebben een tijdje moeten wachten om verder te kunnen, omdat een paar toeristen omgekukeld waren. Ze mogen toch van geluk spreken dat dat niet meteen in het begin was, maar dat terzijde.

 file


Eelke profiteerde van de meters die we onder mijn leiding gestegen waren. Met een angstaanjagende snelheid joeg ze de honden en de slee van hellingen af en bochten door. Dat ik af en toe in de slee door een hobbel in het 'wegdek' gelanceerd werd maakte haar kennelijk niet uit. Ondanks dat heb ik nog aardig van het uitzicht kunnen genieten. Vooral op de plekken waar Bentsjordtinden te zien was.




Na nog eens drie kwartier kwamen we terug aan bij het Villmarkssenter en kon ik mijn verkrampte lijf uit de slee persen. De Canadese jongedame wachtte ons op en begon wat te vertellen over de honden, de races waar ze aan meedoen en hoe vaak ze per dag een ronde rennen (tot zes keer per dag). Een feitje dat het wel waard is te noemen op deze Internationale Vrouwendag: de leiders van het span zijn in het algemeen teefjes. Hanneke had ons grote verhalen verteld over de puppies die we zouden zien na afloop, maar wij stonden bij een kooi met slechts één pup, die uit zijn slaap werd getrokken om met toeristen op de foto te gaan. Dat hoefde voor ons niet, dus we hebben ons snel omgekleed en zijn de grote lavvo binnengegaan voor de lunch.

De lunch moest een traditionele bidos zijn, een samische rendierstoofpot. We hadden echter al snel door dat het enige rendier dat erin zat dat grote stuk bot met enige spiervezels was. Het mooie brok vlees midden op het bord leek ons rundvlees. Lekker rundvlees, maar niettemin rundvlees. Ach, de gesprekken aan tafel met de gepensioneerde Britten waren aardig en de chocoladecake na was ook prima. Bovendien hadden we zo vlak na het einde van de mørketid volop gebruik gemaakt van de zon.

Of we nu plannen voor een eigen hondenspan hebben? Nee, maar de al langer bestaande plannen voor een Drentse Patrijshond zijn weer uit het vriesvak. Nu eens contact opnemen met de dichtstbijzijnde fokker (Luleå, Zweden).