![]() |
De routes: -groen: eerste optie -rood: eerste poging -blauw: tweede poging |
Eerste expeditie
De week voor de tocht was er een nieuw pak sneeuw van een meter dik bij gekomen, wat al een reden op zich is om te toeren. Niets zo mooi om je eigen sporen te trekken en op de terugweg je bochten te draaien in een berg watten. Een nadeel van zo'n lading sneeuw is de instabiliteit van zo'n laag, zeker als die is neergekomen op een sneeuwdek dat is geteisterd door harde wind en regen. De weerdienst gaf al aan dat het lawinegevaar groot was, dus pasten we met behulp van de lawinekaart de route aan (de route liep aanvankelijk door gevaarlijk gebied).
De eerste vierhonderd hoogtemeters ging het goed. Het was slechts gedeeltelijk bewolkt, het was niet te koud en op een hoogte van 400 meter werd het duidelijk minder steil. Maar vrij vlot veranderde dat. De wolken die de hele tijd in de verte voor ons hadden omhulden ons nu bijna. We pauzeerden even in de hoop dat het wat op zou klaren, toen een Noorse man in onze sporen omhoog kwam. Hij vroeg wat ons einddoel was en zei dat we geen risico's moesten nemen als we verder zouden gaan. Hij legde uit dat het plateau waar we snel op terecht zouden komen relatief smal was (300 meter) en dat we echt uit de buurt van de randen moesten blijven. Zelf ging hij vanwege het slechte zicht weer naar beneden.
We hebben nog even gewacht en zijn, toen we weer wat contouren voor ons konden onderscheiden, doorgegaan. Dat duurde misschien een kwartiertje, want toen was alles vóór ons, naast ons en onder ons dezelfde tint wit. Er waren al een hele tijd geen sporen meer te volgen, dus we hadden geen idee of we goed zaten. Teleurgesteld zijn we toen maar teruggegaan (achter ons was alles wel zichtbaar).
![]() |
| Eelke met op de achtergrond Grindøya (li) en Håkøya (re) |
![]() |
| Links de brug naar Tromsøya. De karakteristieke berg op de achtergrond is Tromsdalstinden. |
![]() |
| Tromsøya met brug en vliegveld |
![]() |
| Wat we op het einde van poging 1 zagen: white-out |
Tweede expeditie
Dit morele verlies konden we niet op ons laten zitten, dus de dinsdag erna, toen hetprachtig weer was, zijn we teruggegaan. Zelfde parkeerplek, zelfde route (nog steeds groot lawinegevaar), zelfde sporen.
Dit keer bleef het zicht goed, en we kwamen na bijna twee uur aan bij de plek waar we twee dagen eerder nog waren omgekeerd (onze sporen waren bijna dichtgewaaid). Nu konden we het eindpunt wel zien. Maar na nog een uur lopen werden we wat mismoedig. Na het plateau hadden we weer een steiler stuk moeten nemen, dat gevolgd werd door een afdaling. En toen weer omhoog, en weer omlaag. Vanaf dat punt (Lille-Kjølen,670 m.) zouden we weer moeten dalen voordat we de laatste beklimming konden beginnen. Nu is dat heen niet onoverkomelijk, maar terug wel: dan kom je de stukken die je heen nog kon dalen maar moeilijk op. Of stijgvellen weer op (en daarna weer af, en daarna weer op etc.), of ski's af en lopen (in een dik pak poeder), of visgratend omhoog. Toen hebben we ons verlies maar genomen en hebben we net onder Lille-Kjølen (Svarthammartinden, 659 m.) thee gedronken en de quintessentiële Kvikklunsj weggeknaagd.





















