dinsdag 29 januari 2013

Topptur naar Steinskardtinden

Mijn laatste skitocht van het winterseizoen 2011/2012 was naar Steinskardtinden, samen met Paul. Eelke was een klein beetje jaloers dat ze toen niet mee kon en achter in haar hoofd broeide de gedachte dat ze die berg snel wilde doen.

Daarom zijn we voor de derde tocht van dit seizoen naar Kattfjordeidet gereden om de 660 meter (naar 817 boven zeeniveau) omhoog te lopen. De voortekenen waren gunstig: vorige week was er een flink pak sneeuw gevallen, maar de lawinewaarschuwing was gedaald van 4 op woensdag naar 2 op zaterdag en zondag. Dat laatste betekent overigens niet dat je zomaar omhoog kunt: er zitten een paar steile stukken in de route en doordat de route een lang stuk door een rivierbedding (50-100 meter breed) loopt, is er sprake van een terreinval. De kanten van de bedding gaan steil omhoog en sneeuw die door wind losjes tegen die wanden zijn geplakt, kan -als die lost- maar één kant op.

De route van Steinskardtinden gaat over een noordhelling, wat betekent dat we de hele tocht in de schaduw hebben moeten lopen. Is de zon er net weer, gaan we in de schaduw skiën... Het voordeel was wel dat we  achterom kijkend een prachtig zicht hadden op de hel verlichte toppen van de noordkant van Kattfjordeidet, Buren en Kjølen.



We hadden besloten het eens rustig aan te doen en dat kwam goed uit, want het leek erop dat we er allebei niet helemaal lekker in zaten. De haarspeldbochten omhoog, altijd goed voor wat gestuntel in het begin van het seizoen, verliepen niet echt soepel en ik kon mijn tempo niet goed vinden op de stukken die nog net rechtuit omhoog konden. Dat we allebei het gevoel hadden dat de stijgvellen weinig grip hadden, hielp ook niet echt. Maar goed, als je blijft zeuren kom je er niet, dus we gingen rustig door, tot een lange lunchpauze rond de 570 meter boven zeeniveau. We stopten daar op een plek waar de de kom van de helling in tweeën was gespleten door een verhoging in het midden. Aan de linkerkant geen skisporen (hoewel de sneeuw er zeer aantrekkelijk bij lag), aan de rechterkant wel. Onze voorgangers hadden goed opgelet, want de ribbels in de sneeuw en de ophopingen rondom rotsen maakten dat we er alert op waren dat die helling een grote windplak zou kunnen zijn.



Na de pauze gingen we rustig verder omhoog langs de rechterkant, totdat we op een prachtig plateau kwamen. Het duurde niet lang voordat we onze top konden zien en bij mij triggerde dat zoals altijd de turbo. Van het ene op het andere moment stond ik, twee meter vóór de top, met mijn hoofd in het geeloranje schijnsel van de volle zon. Ik herhaal nog maar even dat die aanblik voor ons heel bijzonder is. Twee maanden lang kwam het enige beetje "daglicht" diffuus van ergens achter de bergen en onder de horizon. Twee maanden lang was de enige cirkelvormige lichtbron in de hemel de maan. Als de zon na twee maanden afwezigheid weer terug is, en dan nog wel als zo een krankzinnig fantasma met kleuren die je met de beste wil van de wereld niet kunt omschrijven, dan kun je -zeker na een fysieke inspanning- wel eens erg ontroerd raken. Alsof je uit Plato's grot komt kruipen, maar in tegenstelling tot wat er in die allegorie gebeurt, nooit meer terug wilt. 

Enkele minuten later kwam Eelke aan. "Oh, dat is mooi", zei ze. Maar ik zag dat ze nog in de schaduw van de bergen stond en zei haar dat ze dichterbij moest komen, waarop ook zij zag wat de zon ook weer was. Alsof ik uit een winterslaap kom, zoals ze zelf zei.




re.boven: Kaldfjord met links Buren en Store Blåmannen, rechts Kjølen.
li.onder: links Finnlandsfjellet, midden Tromsøya en Håkøya, rechts Tromsdalstinden
re. onder: Stålhovet en Lille Blåmannen, uiterst rechts Bentsjordtinden

Na een paar koppen thee en een rondje foto's gingen we naar beneden. Ik dacht aan de tocht met Paul, toen we de eerste 150 hoogtemeters helemaal niets konden zien en op de GPS en een schietgebedje naar beneden gleden. Nu was het zicht een stuk beter. Gelukkig ook maar, want met de diepe, maar verspoorde sneeuw moesten we ons op de steile stukken toch wel even concentreren. Het was weer prachtig om door de diepe sneeuw te ploegen en toen we bij de auto waren, beseften we dat we helemaal niet zo lang over de hele tocht gedaan hadden.