maandag 5 maart 2012

WHOOMPH! (Fugltinden 1030 m.)

Sinds onze laatste tocht (Lille Blåmannen) is het lawinerisico bepaald niet verminderd. De afgelopen week was de buitentemperatuur volatieler dan het huidige consumentenvertrouwen in Nederland, regende het veel, waaide het hard  en kwam de sneeuw met bakken uit de lucht. Vaak nog tegelijkertijd ook. Omstandigheden waarin onoplettende rendieren ten prooi vallen aan het witte gevaar.

Dit weekend kozen we Fugltinden uit als doel van een skitocht. Eén van de weinige bergen waar een lawineveilige route kan worden gekozen en toch mooie afdalingen kunnen worden gemaakt. Nadeel: hoewel de berg slechts 40 kilometer van ons huis ligt, is de autotocht erheen een kilometer of 110, ofwel anderhalf uur rijden.

Paul ging deze keer mee en we hadden afgesproken hem om 10 uur op te halen. Onder andere doordat onze achterbak weer eens niet open ging door een bevroren slot, kwamen we daar een uur later aan. Eelke reed fluks over de E8 en E6 richting Nordkjosbotn en daarna naar onze berg, waar we om tien over één aan de klim begonnen.


Eerst over een vlak stuk moeras en daarna wat steiler tussen bomen door omhoog. De eerste honderd hoogtemeters gleden we over heel subtiele crust, daarna was het boterzachte poeder tot aan de boomgrens. Rond de boomgrens moesten we over een vlakte waar een stevige wind opstak, die aanhield tot we uit de schaduw van de bergkam kwamen. Doordat we de route onderweg een paar keer moesten aanpassen en het terrein niet aan één stuk omhoog liep (maar meer golvend) kwamen we niet aan de vierhonderd meter per uur en zagen we de kans dat we voor zonsondergang (16.52) de top van Fugltind zouden bereiken slinken. Daarbij konden we na de vlakte niet rechtstreeks naar de top, maar moesten we een bocht maken, om lawinegevoelige stukken te ontwijken.




foto: Paul
Whoomph
Dat we er goed aan hadden gedaan een conservatieve route te lopen en de route aan te passen naar aanleiding van wat we onderweg zagen, bleek wel toen we werden opgeschrikt door een whoomph. Een whoomph is het geluid (rollende donder, een kanon dat in de verte wordt afgeschoten) dat ontstaat als een zwakke laag in het sneeuwdek inzakt. Whoomph + stevige helling (30 graden en meer) = wegwezen. Het inzakken van een zwakke laag kan naar alle kanten propageren, dus als je zelf zo'n whoomph veroorzaakt, kan een lawine ontstaan op geschikte hellingen rondom de plek waar je staat. 

Toen het heel duidelijk werd dat we de top maar nét voor zonsondergang zouden halen (en de terugweg voor een groot deel door de schaduw zou gaan), besloten we om op 750 meter hoogte te stoppen om rustig thee te drinken en voor te bereiden voor de terugweg. Natuurlijk was het een teleurstelling om het doel niet te bereiken, maar het uitzicht dat we vanaf onze stopplek hadden, was ook niet mis. Een prachtige zonsondergang met naar alle kanten indrukwekkende bergen.



Net na de zonsondergang vertrokken we naar beneden. Het eerste stuk met wisselende sneeuwcondities (poeder, windslab, pre-sastrugi, crust), maar vanaf de boomgrens was het heerlijk naar beneden cruisen met een paar mooie treeruns. Paul kuste de grond toen hij een besneeuwde steen aanzag voor een bergje losse sneeuw en ik ging even liggen toen ik het steile haarspeldbochtje over het hoofd zag (de eerste bocht redde ik nog wel, de tweede minder). Het noorderlicht zorgde voor een mooie afsluiter van deze tocht.