Als je een weblogje als dit bijhoudt, moet je eigenlijk op dezelfde dag dat je iets meemaakt of een idee hebt er een stukje over schrijven, anders blijft het liggen. Over het vistripje waar Hanneke en Paul ons voor hadden uitgenodigd konden we echter niet dezelfde dag schrijven, omdat we daar pas om vier uur 's nachts van thuiskwamen. Gisteren, tijdens het eten van het laatste stuk zelfgevangen kabeljauw, werd ik me weer bewust van het ontbreken van een visstukje, dus ik nam me voor dat alsnog snel te schrijven.
Na een goede maaltijd bij Paul en Hanneke thuis, fietsten we naar de zuidkant van het eiland. Paul was al eerder vertrokken met de auto, om de gemotoriseerde rubberboot, Drijfsijs genaamd, zeewaardig te maken. Vanaf het strand zijn we vervolgens over een spiegelgladde zee naar een plekje tussen Grindøya en Håkøya gevaren. Terwijl ik daar nog niet eens een haak aan mijn lijn had, trok Paul de eerste vis al naar boven.


De laatste keer dat ik een hengel uitwierp, was ik een jaar of tien, ving ik niks en was het zover mogelijk gooien van je haak, met de minuscule loodjes die je met je tanden aan de lijn had geklemd, het mooiste van de hele bezigheid. Goed, toen hadden we geen gemotoriseerde rubberboot, zat er meer wier en leeg glaswerk dan vis in de Heemtuinplas en was de omgeving niet veel meer dan gras en riet.


Vandaar dat Eelke en ik redelijk verbaasd waren dat Paul en Hanneke na een krap halfuurtje liever een ander plekje wilden opzoeken, omdat de vangst wat tegenviel. We hadden bij elkaar al vier kabeljauwtjes en een koolvis gevangen, maar die waren te klein om fatsoenlijke filets van te snijden. Een kilometer verderop werd het inderdaad beter. Met zijn vieren in de rubberboot waren we een klein visverwerkingsbedrijf. Om de paar minuten werd er een vis aan de haak geslagen, daar weer vanaf gehaald (kabeljauwen zijn redelijk makke dieren) om door Paul gedood te worden. Eelke ving zo veel, dat ze op een gegeven moment de hengel niet meer uitwierp, zo druk was de productielijn geworden.



De geslaagde vangst was mooi natuurlijk, maar vooral de ervaring op het bootje, in de late avondzon, op een spiegelgladde zee, met aan alle kanten bergtoppen, was overweldigend. Terug bij Hanneke en Paul thuis hebben we de vis gewogen (7,5 kilo; Eelke had met 2,5 kg de grootste) en na een flink aantal koppen thee (en crackers met kaas) om warm te worden hebben we geleerd de vis te fileren.



En zo fietsten we om drie uur 's nachts naar huis met een kilo kabeljauwfilet in de rugtas.


De laatste keer dat ik een hengel uitwierp, was ik een jaar of tien, ving ik niks en was het zover mogelijk gooien van je haak, met de minuscule loodjes die je met je tanden aan de lijn had geklemd, het mooiste van de hele bezigheid. Goed, toen hadden we geen gemotoriseerde rubberboot, zat er meer wier en leeg glaswerk dan vis in de Heemtuinplas en was de omgeving niet veel meer dan gras en riet.


Vandaar dat Eelke en ik redelijk verbaasd waren dat Paul en Hanneke na een krap halfuurtje liever een ander plekje wilden opzoeken, omdat de vangst wat tegenviel. We hadden bij elkaar al vier kabeljauwtjes en een koolvis gevangen, maar die waren te klein om fatsoenlijke filets van te snijden. Een kilometer verderop werd het inderdaad beter. Met zijn vieren in de rubberboot waren we een klein visverwerkingsbedrijf. Om de paar minuten werd er een vis aan de haak geslagen, daar weer vanaf gehaald (kabeljauwen zijn redelijk makke dieren) om door Paul gedood te worden. Eelke ving zo veel, dat ze op een gegeven moment de hengel niet meer uitwierp, zo druk was de productielijn geworden.



De geslaagde vangst was mooi natuurlijk, maar vooral de ervaring op het bootje, in de late avondzon, op een spiegelgladde zee, met aan alle kanten bergtoppen, was overweldigend. Terug bij Hanneke en Paul thuis hebben we de vis gewogen (7,5 kilo; Eelke had met 2,5 kg de grootste) en na een flink aantal koppen thee (en crackers met kaas) om warm te worden hebben we geleerd de vis te fileren.



En zo fietsten we om drie uur 's nachts naar huis met een kilo kabeljauwfilet in de rugtas.








