vrijdag 26 augustus 2011

Ti på Topp: Durmålstinden

Vorige week kwamen we erachter dat we, op Raudfjellet na, alle makkelijke en middelmatige toppen uit het Ti på Topp-boekje gedaan hadden. Wat de zwaarste categorie inhield, was voor ons een beetje gissen. Ullstinden, die we in april op de ski's deden, schijnt er een te zijn, maar ook Blåtinden en Durmålstinden. Hoogte speelt dus zeker een rol, vooral ook, omdat met hoogte de ondergrond verandert. Paden over moerassen en door bossen gaan met het uitdunnen van de boombegroeiing over in mossen, wat weer overgaat in zand en mos tussen kiezels, wat overgaat in kiezels en rotsen.

Ullstinden wilden we nog even bewaren, over Blåtinden hadden we vervelende verhalen gehoord (hele stukken over schuivende stenen omhoog), de top bij Lakselvbukta is een stukje rijden en voor Bakarovntinden moet je een veerboot pakken. We kozen voor de weg met de minste weerstand: Durmålstinden (921 m.)

Durmålstinden gezien vanaf Tverrfjellet
Durmålstinden ligt bij de Kattfjord, op de weg van Tromsø naar Sommarøy. De aantrekkingskracht van die omgeving was ons al eerder opgevallen, onderweg naar Sommarøy, maar ook staande op Tverrfjellet. Misschien is die omgeving zo interessant doordat je aan beide kanten van de weg bergen hebt (meestal is het hier berg-weg-zee-weg-berg). De puntige en kale rotsen van Skitntinden en Storsteinnestinden rijzen als een muur op achter het meer Kattfjordvannet, terwijl de bergen aan de andere kant een wat opener karakter hebben.


Het eerste stuk van de tocht was, als route, niet heel bijzonder. Via de noordoostelijke uitloper liepen we de berg op in de richting van de noordtop. Bovenop de uitloper  (voordat we weer een klein stukje moesten dalen) op 500 m. hebben we een paar broodjes gegeten, uitkijkend op de route die voor ons lag. Vanaf die plek was goed te zien dat de noordtop aan de zuidtop (ons doel) verbonden zat. Het was ook duidelijk dat het stuk dat nog moest komen een flinke opgave was.











Steil en klauterend van steen naar steen moesten we verder omhoog. Vanaf die helling was de bergrug van Tverrfjellet en Skitntinden, maar ook de Kattfjord mooi te zien. Vanaf de noordtop was het nog ongeveer een kilometer naar de zuidtop, over een glooiende bergrug van een meter of honderd breed.











Omdat de route over flinke stukken rots ging en op punten vrij steil was, duurde de terugtocht niet veel korter dan de heenweg. Naar boven duurde twee uur en een kwartier, naar beneden twee uur. Maar met vier uur en een kwartier zitten we nog steeds ruim onder de tijd (5-7 uur) die het boekje aangaf, dus we zijn niet ontevreden.











linksboven: Tverrfjellet; linksonder: de noord-zuid-rug





linksboven: Sommarøy; rechtsboven de rendiergeweifluwelen toppen van Mjeldskartinden











rechts: Tromsdalstinden

Alle fotoæs van de trip zijn hier te vinden.