De afgelopen maanden hebben we jullie verveeld met onze extreem saaie verhalen uit de omgeving Tromsø. Het werd daarom tijd om eens iets heel anders te schrijven. En toevallig was juni zo’n maand waarin we vanalles en nog wat buiten Tromsø beleefd hebben. Bezoekje aan Nederland
Begin juni verlieten Roy en ik na een half jaar noorderlicht, skiën en bergbeklimmen ons nieuwe stekje om een bezoek te brengen aan het welbekende kikkerlandje. Het bezoek was gepland rondom de bruiloft van mijn zus Gineke en Jorma op 10 juni. Het was dan ook erg fijn dat zus Froukje, Israel en broer Jasper zo vriendelijk waren om ons tijdelijk te adopteren in hun huis in Utrecht. Jasper was zelfs zo vriendelijk om zijn eigen bed af te staan! (Nogmaals bedankt!)
We waren maar vijf dagen in Nederland, maar we hadden erna zeker een week nodig om bij te komen, aangezien we alle dagdelen intensief hadden volgepland met familie- en vriendenbezoekjes. Maar klagen hoor je ons zeker niet hoor, want we hebben een heerlijke tijd in Nederland gehad. Het was leuk om iedereen weer eens te zien en te spreken.
De grote dag waar alles om draaide was natuurlijk de bruiloft waar Roy en ik ook belangrijke taken toegewezen kregen. Roy moest voor de muziek tijdens de ceremonie zorgen, terwijl ik voor mijn kleine neefje Quinten moest zorgen, zodat hij de ringen naar zijn ouders kon brengen. Ondanks dat hij ons amper kent, omdat we 4 maanden na zijn geboorte naar Noorwegen zijn vertrokken, was het weer direct liefde op het eerste gezicht. Hij voelde zich zo goed op zijn gemak op mijn schoot, dat hij zelfs besloot een middagdutje te doen… Gelukkig wilde hij nog wel even ‘wakker worden’ voor het ringenmoment. Het was een prachtige dag met lekker weer en een goed feest!Maar aan alles komt een einde. Na vijf dagen Nederland, ging onze rit weer terug naar Tromsø.
SBN congres in Mexico
Dit duurde echter niet voor lang. Vijf dagen later vertrok ik weer oor een congres naar Mexico, terwijl Roy sneu en eenzaam achterbleef in Tromsø. Maar eerst heb ik enkele dagen San Miguel de Allende bezocht, een schattig stadje op zo’n 300 km afstand van Mexico city. De reis er naartoe was een 4 uur busrit met luxe stoelen en een prachtig uitzicht. De aankomst bleek perfect getimed, want er was de dag een parade door de stad, waardoor het hoofdplein druk was met vrolijk verklede mensen. Mijn hostel was klein maar fijn, met een heerlijke overdekte tuin waar ik mijn avonden kon slijten met een boek.
Aangezien San Miguel de Allende niet heel groot is en ik daardoor een dag over had, ben ik met de bus een half uur verder gereisd naar Guanajuato. Dit bleek een zeer karakteristiek bergstadje te zijn, gelegen op meerdere heuvels.


Van een reiziger in mijn hostel wist ik dat er ook een mummiemuseum in Guanajuato was die ik wel even wilde bezoeken. Ik kreeg te horen dat ik voor het museum alleen maar de weg hoefde te volgen, dus zo deed ik... Al snel bleek echter dat ik vergeten was te vragen hoe lang het lopen was, want pas na 30 minuten bereikte ik het (verstopte) museum. Gelukkig was onderweg verdwalen absoluut onmogelijk, want het lag inderdaad op die weg (netjes aangegeven met bordjes) en alle lokale mensen onderweg wezen al uit zichzelf de juiste richting in. Het was een geheimzinnig klein en donker museum met zwarte muren en griezelige muziek. En natuurlijk niet te vergeten de mummies….

Mijn extra uitstapje zat erop en dus vertrok ik weer richting Mexico City om halverwege uit te stappen in Querétaro, waar mijn congres plaats vond (dit was eigenlijk in Juriquilla, een stadje er net buiten). Het hotel was te luxe voor woorden met extreem grote kamers, een zwembad, een business center en meerdere restaurants. Aangezien ik nog een dag te vroeg was, ben ik eerst nog even Querétaro in gegaan. Querétaro is een teleurstellende grote stad, als je het vergelijkt met het idyllische stadje San Miguel de Allende.


Maar na al deze dagen zon, wandelen, kerken en relaxen, begon toch echt het congres. Na nog enkele uurtjes doorgebracht te hebben bij het zwembad met collega’s uit Canada en flink verbrand te zijn, begon het congres met een borrel met alle collega's. De dagen erna stond het programma vol met interessante praatjes en posters. En niet te vergeten de heerlijke taco’s in een lokaal tentje in de straat!
Tijdens de laatste postersessie raakte ik aan de praat met mijn Mexicaanse collega die mij vervolgens een rondleiding gaf door zijn lab op de campus. Het was erg bijzonder om te zien hoe klein dit was in vergelijking tot de andere labs die ik heb gezien. Maar nog verrassender was dat de ratten gewoon 1 deurtje verder zaten dan de kantoren en dat je hier gewoon met je normale kleren (en zonder labjas of klompen) naar binnen kon lopen. Dit in tegenstelling tot Tromsø waar ik al mijn kleren moet omruilen voor en groen pakje , sokken , klompen en hoofdnetje. Toch leuk om het Mexicaans lab ook eens gezien te hebben.
Het congres werd afgesloten met een banquet met lekker Mexicaans eten en een typisch Mexicaans dansfeest. Het was weer eens een groot succes. Op naar volgend jaar in Wisconsin!

Al mijn collega’s van over de hele wereld vertrokken weer, maar voor mij bleef er nog 1 dagje Mexico City over. Mijn hotel lag op 5 minuten loopafstand van de historische binnenstad. Waar ik van tevoren dacht dat ik het een grote smerige stad zou vinden, bleek dit deel van de stad eigenlijk toch wel sfeervol. Wel was er een hoop lawaai op straat met schreeuwende mensen die hun waren wilden verkopen. Ik was dan ook weer blij dat ik het vliegtuig in mocht terug naar huis.















