Volgens de vertrekkende Britse ambassadeur Pattey staat Irak een burgeroorlog te wachten en zal het land erna in etnische lijnen uiteen vallen.Naast dat je je kunt afvragen of er niet al een hele tijd een burgeroorlog aan de gang is, rijst de vraag of het wel echt zo erg is dat het land "langs etnische lijnen" uiteen valt. De internationale gemeenschap is sterk gericht op een status quo voor wat betreft territoria, een visie die vooral politiek is ingegeven, maar nauwelijks een oplossing biedt voor spanningen tussen cultuurgemeenschappen onderling.
Ad Verbrugge stelt (Tijd van onbehagen, p.115): "De fixatie op grenzen als identiteitscriterium van een land is hoe dan ook opmerkelijk, zeker waar zij moralistische van aard wordt. Dit identiteitscriterium zegt namelijk alleen 'waar' een staat is gevestigd, niet 'wat' of 'hoe' hij is en wat de aard is van zijn eenheid." En verder (p.126): "De verdeling van vrijheid en rijkdom sticht niet zelf een culturele eenheid, maar is op deze culturele eenheid aangewezen wil zij niet binnen de staat tot een desintegrerende onenigheid aanleiding geven."
Dat lijkt in deze situatie hout te snijden: Tijdens het regime van Saddam Hoessein was er evenmin een situatie van culturele eenheid binnen het land, Irak werd evenwel bijelkaar gehouden door het schrikbewind van Hoessein. Dat na zijn val een machtsvacuüm ontstond door een inhomogene bevolkingssamenstelling versterkte de tegenstellingen en leidde tot de huidige situatie van burgeroorlog. Dat Amerika toch inzet op het behouden van eenheid van het land wordt ingegeven door het belang dat Amerika heeft bij stabiliteit in de regio.
Het compromisloze vasthouden aan de eenheid leidt tot verheviging en verlenging van de burgeroorlog die nu al gaande is, terwijl het accepteren van 'domeinen' van bevolkingsgroepen wellicht leidt tot versnelling van het proces van statenvorming, iets wat mijns inziens de inslag van de internationale gemeenschap zou moeten zijn.